Werkzaamheden en ervaringen van Herman

Toen ik in het voorjaar van 2008 voor de eerste keer naar Nepal vloog, had ik niet zo’n duidelijk beeld van wat mij daar te wachten stond. Het was mijn tweede grote reis buiten Europa na in het voorjaar van 2005 in Tanzania te zijn geweest. Toen om de Kilimanjaro te beklimmen, nu om mijn eerste stappen te zetten op het onbekende pad van de ontwikkelingshulp.

Nadat ik voor de eerste keer geland was op Tribhuvan International Airport (rond 9 uur ’s avonds in Kathmandu), waande ik mij in eerste instantie terug in Afrika: over modderige en spaarzaam verlichte wegen vol waterplassen ging ik op mijn weg naar Thamel, dè toeristenwijk van Kathmandu. Nepal ligt in hartje Azië, ingeklemd tussen de volkrijke grootmachten China en India, maar is in veel opzichten een Afrikaans land. Kijkend naar de statistieken scoort Nepal top 5 in de ‘verkeerde lijstjes’, zoals armoede, corruptie en honger, en weet zich op die positie omringd door landen als Nigeria, Sierra Leone, Mali, Kameroen en de Centraal Afrikaanse Republiek, et cetera et cetera. Het omgekeerde is natuurlijk ook het geval, maar dan onderin de statistieken op plaats 160 of lager en ook dan weer omringd door Afrikaanse landen.

De volgende dag was in een oogopslag duidelijk, dat ik in een derdewereldland verkeerde met alle kenmerken van dien: chaotische verkeerssituatie waarin het langzame verkeer (voetganger, fietser en riksja) het volledig aflegt tegen het gemotoriseerde verkeer (brommer, motor, auto, minibus, vrachtwagen), dramatisch slechte wegen, voortdurende stroomonderbrekingen, gigantische luchtvervuiling, constant luid getoeter om me heen en een onafgebroken stroom ‘streetsellers’ die prullaria proberen te slijten aan (voornamelijk) westerse toeristen. Nepal is ook een hindoeïstisch land en daar heeft het verkeer soms last van: de auto moet zijn meerdere erkennen in die ‘andere heilige koe’ die over straat kuiert, bij voorkeur op drukke kruispunten even ligt uit te rusten en er in alle opzichten z’n gemak van neemt. Dat valt niet mee, want de belangrijkste verkeersregel in Nepal is letterlijk zo snel mogelijk de kortste weg nemen van A naar B.

Dat was ook voor mij even slikken en opletten, want het levert geregeld levensgevaarlijke situaties op. Maar de doorsnee Nepalees aanvaardt de dagelijkse ‘uitdaging’ om de dag door te komen en (soms) te overleven ogenschijnlijk heel gelaten onder het goedlopende motto ‘you happy, me happy, God happy’. Zo simpel is dat!

Nepal is, geen misverstand daarover, een fantastisch land met een adembenemend mooie natuur en een inspirerende religieuze cultuur. Het beroemde en veelbezochte Durbar Square in Kathmandu is een plein en werelderfgoed, dat op 1km2 plaats biedt aan liefst zo’n 50 hindoeïstische en boeddhistische heiligdommen! Alhoewel Nepal vooral een hindoeïstisch land is (82% van de bevolking), ‘leunt’ het boeddhisme (plm. 15%) ook op een stevig fundament en gaan in de praktijk beide godsdiensten heel goed samen. De belangrijkste boeddhistische tempels (stoepa’s) zijn resp. Buddanath (de grootste stoepa van Zuid-Oost Azië) en Swoyambonath, gelegen op een heuvel en ook wel ‘apentempel’ genoemd, vanwege de apenkolonie die daar permanent is gevestigd. Het belangrijkste hindoeïstische heiligdom in Kathmandu is het tempelcomplex Pashupatinath, alwaar dagelijks rituele lijkverbrandingen plaatsvinden.

Sinds 2008 ben ik 5 keer op en neer gegaan naar Nepal en heb daar vanzelfsprekend een schat aan indrukken en ervaringen opgedaan. Reizen in Nepal is een opwindende ervaring, die enige gewenning vraagt en in niets lijkt op hoe dat hier in Nederland of België gaat. Reizen in Nepal kost vooral tijd, soms heel veel tijd, maar dat went en het geeft de gelegenheid om het kleurrijke landschap met zijn vriendelijke mensen aan je voorbij te zien trekken en foto’s te maken. Een aantal van mijn reiservaringen en -indrukken heb ik ‘op papier gezet’ en is in de vorm van onderstaande links te openen: