Over Nepal

Over Nepal

Ik ben de laatste 3 jaar (2016-2019) 4 keer in Nepal geweest en dat heeft een diepe indruk bij me achtergelaten. Het is een ongelofelijk mooi land met een geweldig mooie natuur en een rijke cultuur. Dat zie je op het eerste gezicht. De rijkdom aan imposante historische tempels, paleizen en handelshuizen in steden als Kathmandu, Bhaktapur, Janakpur is nauwelijks te bevatten als je ziet hoe de bevolking er nu aan toe is.

Boudanath in Kathmandu is de bekendste en grootste stoepa van Zuidoost Azië
Swoyambonath, de hooggelegen Buddha stoepa
Hindoeïstisch tempelcomplex Pashupatinath

HET LANDSCHAP

Het landschap varieert binnen 100 km van zuid naar noord van een gebied dat zo plat is als Holland (de Terai) via het middengebied van de Hills van 300 tot 3.000 meter naar het hooggebergte van de schitterende Himalaya’s: het gebied van de goden volgens de Nepalezen, het gebied van de 8-duizenders in westerse termen. Dat betekent ook evenzovele klimaatzones met hun eigen flora en fauna: de tropische neushoorn in de zuidelijke moerassen en het sneeuwluipaard in het gebied van de eeuwige sneeuw.

Dorpje in Everest-omgeving
Zicht op de Mount Everest

DE BEVOLKING

Die variëteit aan landschap tref je ook aan bij de bevolking. De bevolking bestaat uit ongeveer 30 miljoen mensen verdeeld over vele tientallen bevolkingsgroepen of stammen die zo’n 60 verschillende talen spreken. Zeg maar achter elke berg woont een ander volk met haar eigen taal en gewoontes. Neem daarbij nog de hindoeïstische manier om de mensen ook nog onder te verdelen in kasten en je begrijpt hoe moeilijk het is om echt iets van deze samenleving te begrijpen.
En toch zijn het de mensen waarvoor ik naar Nepal kom. Het zijn op het eerste gezicht vriendelijke, gastvrije, kleurrijke mensen met wie je gemakkelijk contact kunt maken ook als je de taal niet spreekt. En op het tweede gezicht? Gelukkig heb ik samen met mijn partner Nicole de kans gehad om wat langer in een bepaald gebied te verblijven, namelijk 9 maanden in de dorpen Nalang/Salang van het Dhading District ten noordwesten van Kathmandu. Zodoende heb ik meer naar binnen kunnen kijken en voelen hoe de mensen zijn, denken en handelen.

Eén van de vele vriendelijke gezichten in Nepal
Zo reizen Nepalese met de bus

KASTESYSTEEM

Zo zijn daar de vrolijke gastvrije Magar die varkensvlees eten, roken en alcohol drinken (de zelfgestookte raksi) en je bij elke gelegenheid met open armen uitnodigen tegenover de meer gereserveerde Brahmanen, wars van alle decadentie en behoeders van de zuiverheid, hoewel geitenvlees etend, en alles wat daar tussenin zit aan Newari, Gurung, Tamang, Daliths enz. Soms denk je dat je de variëteit een beetje door hebt, maar dan roept iemand: die daar is van de Kami, de kaste van de dorpssmeden!?… o ja, is daar ook een kaste voor? Ja en de kleermakers hebben ook hun eigen kaste… en daar wonen de Gandarba, de muziekinstrumentmakers en muzikanten.

De Dalits, de onaanraakbaren, lijden het
meest onder de armoede in Nepal
Zo zien de woningen van de Dalits eruit
in een dorpje in Upper-Simikot

Die groepen en kasten hebben dan nog allemaal hun eigen feesten, festivals en inwijdingsrituelen. Dan wordt het me duidelijk waarom er zoveel vrije (feest)dagen zijn in Nepal, buiten de stakingsdagen en nationale niet-religieuze dagen om. Er wordt bijvoorbeeld vier keer nieuwjaar gevierd: het Nepalese nieuwjaar ergens in ‘ons’ april, het Tibetaanse Lhosar, het westerse nieuwjaar en dat van de Newari. Ik kan daar ondanks alle inefficiëntie en remming op de ‘economische groei’ die dat met zich mee brengt erg van genieten.

GROTE ONGELIJKHEID

Toch zit er in die variëteit een grote ongelijkheid van hen die traditiegetrouw op de bovenste sport van de maatschappelijke ladder staan en de politieke en economische macht bezitten, zoals de Brahmanen en de Chettri’s. En zij die niets of nauwelijks iets hebben, de lagere kasten die geen toegang hebben tot de macht, tot het onderwijs en de werkgelegenheid. En dat zijn niet alleen de laagste kasten van de Dalits, de onaanraakbaren, want ook de Magar en Tamang leven in meerderheid in grote armoede.

De ‘winkelstraat’ van Simikot
Een Twin-Otter landt op het vliegveld van Simikot

In Lower-Humla ligt Thehe, een boerennederzetting op 5 uur klimwandelen van Simikot. Hier leven mensen op het absoluut laagst denkbare bestaansminimum en dat geldt voor veel van dit soort verafgelegen kleine gemeenschappen waar overleven niet altijd vanzelfsprekend is.

Thehe, waar de tijd stil lijkt te hebben gestaan
De blinde Gaugora (links) die woont in Thehe

Je zou eigenlijk niet meer moeten spreken over de kastenverdeling, want officieel is dit bij de wet afgeschaft, maar in de praktijk wordt het met name op het platteland nog steeds beleefd. Zo worden bijvoorbeeld in de gezondheidscentra waar Nicole werkte, de mensen naar hun kaste geregistreerd.

Gelukkig spreken de meeste mensen Nepali, de nationale taal, (toch 30% nog niet) en zijn ze religieus niet erg verdeeld: meer dan 80% hindoeïsme, 15% boeddhisme, een groeiend aantal islam en overigen. Opvallend is de grote religieuze tolerantie van vooral hindoes en boeddhisten, want in veel tempels zie je hen tegelijkertijd de afbeeldingen van hun beider goden vereren.

POLITIEKE ONRUST

Politiek gezien heeft het land vanaf de jaren ‘50 van de vorige eeuw ongekende omwentelingen laten zien: van een hindoeïstisch koninkrijk geregeerd door absolute god-koningen via een gewapende opstand van de maoïsten in de jaren rond de millenniumwisseling naar een Nepalese variant van een parlementaire democratie. Maar dat gaat gepaard met grote politieke onrust: vele alsmaar ruziënde partijen en vakbonden, corruptie, bureaucratie, het maken van een nieuwe grondwet dat al meer dan 4 jaren duurt.

Maoïstische campagne op Durbar Square (2008)
Maoïstische campagne auto (2008)

DIEP GEWORTELDE TRADITIES

Maar hoe kan het ook anders in een land waar 60 jaar geleden 11 middelbare scholen waren en nog nauwelijks verharde wegen bestonden. In een land waar mensen nog leefden in de middeleeuwen, om vervolgens in een paar decennia de moderne tijd in te worden geschoten. Hoe diep geworteld oude tradities leven, hebben we na zeven maanden werken kunnen ontdekken toen we vernamen dat ondanks de behoefte aan moderne gezondheidscentra, veelal opgezet door Westerse ngo’s, het merendeel van de Nepalezen eerst de plaatselijke sjamaan bezoekt in de hoop dat deze hen met zijn traditionele en bezwerende rituelen kan genezen en bevrijden van hun probleem.
Het is wel in alle opzichten duidelijk dat Nepal een immense ontwikkeling meemaakt die voor vele vooral oude mensen veel te snel gaat en voor jongeren vaak te langzaam. Dat brengt naast allerlei andere conflicten ook een strijd tussen generaties te weeg.

Maastricht 2020
Walter Swinnen,
Oud-voorzitter